Ritsen

Meestal rij je in een groep twee aan twee, soms zelfs met meer mensen naast elkaar als daar de ruimte voor is. Bij een tegenligger en een smalle weg moet je als groep indikken.

Je gaat als groep dan achter elkaar rijden: je gaat ritsen.

Degene die rechtsvoor rijdt versnelt en maakt daarmee ruimte achter zich zodat linksvoor achter hem kan inpikken. Op die manier heb je veel meer tijd voordat je bij de tegenligger bent. De volgende tweetallen doen hetzelfde.

ritsen-animated

 

Seinen en coachen
Je geeft met signalen aan dat je wilt gaan ritsen. Je roept ”Ritsen” of “Op lijn”. Of je roept “Tegen”. Ook geef je met gebaren aan wat je collega’s moeten doen en maakt het gebaar dat er smaller gereden moet worden.
Zie ook Signalen

NB De natuurlijke reflex, namelijk dat beide rijders remmen, is niet de juiste. Daarmee gaat immers reactietijd verloren, creëer je niet de benodigde ruimte voor het invoegen en komen degenen die erachter rijden makkelijk in de knel.

Met name rechtsvoor moet alleen maar bezig zijn met naar voren versnellen en zodoende ruimte achter zich te maken. De anderen lossen het dan verder wel op.

De goede reactie moet geleerd worden. Daarbij is het belangrijk dat je elkaar coacht. Dat kan met woorden. Vaak gaat het met handen sneller, bijvoorbeeld: linksvoor duwt rechtsvoor naar voren.